Bespreking van onze dubbel-CD Imago Christi van de hand van Dr. A Vernooy.

 

IMAGO CHRISTI - Images of Christ in Gregorian Chants.

Uitgevoerd door Schola Cantorum Karolus Magnus o.l.v. Stan Hollaardt.

Brillant Classics 93001.

 

Op zijn nieuwe cd schetst Karolus Magnus de ontwikkeling van het 'imago' van Christus in de geschiedenis van de christelijke beschaving. Dit imago wordt niet primair getekend in de voortgang van het gregoriaans, maar in die van de opvattingen omtrent de persoon van Christus in theologie en vroomheid. De vier tijdsperiodes waarin de gezangen worden gepresenteerd (de apostolische tijd - de periode van de kerkvaders - Middeleeuwen - 6e tot en met de 20e eeuw) staan derhalve in verband met de ontwikkeling van de theologie, niet met die van het gregoriaans. Voor invulling van de laatste periode werd rijk geput uit de propria van de feesten van het H.Hart en van Christus Koning. Een gevolg van de keuze om een ‘theologische’ cd te presenteren, waarbij de tekstkeuze voorop stond, is dat de ermee verbonden gregoriaanse melodieën niet alle horen tot de meest waardevolle stukken uit het repertoire. Logischerwijze stammen ze vervolgens vaak uit een andere periode dan de tekst. De hymne Lumen hilare (tekst uit de tijd van de kerkvaders) valt bijvoorbeeld te beluisteren op een melodie van de 20e-eeuwse Dom Lucien David. Een ‘gregoriaans’ voordeel van genoemd uitgangspunt is de opname van stukken, die nog niet eerder (?) werden geregistreerd zoals bijvoorbeeld Te laudamus, Domine omnipotens, De ore leonis, Circumdederunt me viri mendaces  (uit het proprium van de paters Dominicanen) en O quantum in cruce.  

 

Imago Christi is een voortreffelijke christologie in muziek. Het beeld van Christus wordt aan de hand van een weloverwogen tekstkeuze meer dan oppervlakkig als in een catechetische les in woord en klank geschilderd. Deze opname vertegenwoordigt een genre gregoriaanse-cd waarin Karolus Magnus al eerder voorging: wordt in andere uitgaven veelal uitgegaan van de ± autonome schoonheid van de melodie en bepaalt deze laatste eigenlijk de tekstkeuze, hier blijft het gregoriaans bewaard in zijn ware functie: stem geven aan en versterken van het geloof van de Kerk. Wellicht wilden de samenstellers (Frans de Bont, Augustinus Hollaardt o.p. en Sjef Jongen) refereren aan het gelijknamige boek Imago Christi uit 1980 van de grote Nijmeegse professor Frits van der Meer (1904-1994). Om de inzichtelijke inleiding bij de vier periodes en niet minder ook om de verantwoorde hymnologische uitleg bij de verschillende gezangen is vervolgens ook het booklet bij de cd van grote waarde.  

 

Karolus Magnus zingt zoals we dat van hem gewend zijn: stoer, bedachtzaam en ‘gewoon’. Met dit laatste bedoel ik dat het geluid van de niet(?)-beroepszangers weinig pretentieus is en niet concertant wil zijn. Dirigent Stan Hollaardt heeft op acceptabele eigen wijze de semiologische ritmeleer vertaald naar de praktijk. Ook in deze zin is Imago Christi voorbeeldig. Wel speelt bedachtzaamheid omtrent de juiste afwerking van woord en frase hem soms parten en klinkt de uitvoering hier en daar enigszins verbrokkeld, ten nadele van een soepel verloop van de melodie.

Op de achterpagina van het booklet worden, tenslotte,  trots de namen van leden, ereleden en beschermheer vermeld. Ik miste daar de naam van een beschermheilige, terwijl daar een voortreffelijke kandidaat voor is, namelijk de in het naburige Duitsland als heilige vereerde en in Nijmegen niet geheel onbekende Karel de Grote. 

 

Anton Vernooij, 2006

'Imago Christi' - door: Jerry Korsmit

Recensie: Tijdschrift voor gregoriaans, jaargang 31 nr. 3, september 2006

 

Afgelopen voorjaar verscheen de vijfde cd-opname van de Schola Cantorum Karolus Magnus o.l.v. Stan Hollaardt.

Uitgangspunt was het schetsen van een beeld van Christus, Imago Christi, zoals dat in de loop der tijden in het gregoriaans is ontstaan. Men onderscheidt hierbij 4 periodes:

1. de apostolische tijd en de eerste eeuwen van onze jaartelling

2. de periode van de Kerkvaders en de eerste belangrijke concilies

3. de middeleeuwen

4. de periode vanaf de 16e eeuw tot heden.

De samenstellers van dit programma zijn hierbij uitgegaan van de onderliggende tekst. Toch komen er moderne composities uit de Solemniaanse hoek aan bod in de eerste twee periodes en zijn er oude teksten gebruikt op nieuwe muziek in de twee laatste periodes. Dankzij een zeer uitgebreid booklet van meer dan 40 bladzijden en in drie talen, Latijn, Nederlands en Engels, komt men als lezer meer aan de weet over de gekozen gezangen. Wetenswaardigheden over tekst en muziek wisselen de gezangen af.

Ook elke afzonderlijke periode heeft een inleiding. Al bladerend en lezend krijgt men inderdaad een beeld van hoe men in de voorbije eeuwen met de man Jezus is omgegaan en hoe vooral de kerk het beeld van deze man heeft bepaald. Juist de liturgie was het middel bij uitstek om de gelovigen het 'juiste' beeld van Christus op te leggen. Vooral in de tijd van de Kerkvaders en (toenmalige) concilies krijgt men een goed beeld van de politieke lading van sommige gezangen.

Als extra is er ook nog gedacht om van elk gezang te vermelden welke bron men heeft gebruikt. Dit varieert van Graduale Triplex tot het Milanese Antiphonale Missarum. Een klein punt van kritiek is dat de index niet overal klopt.

Al met al is deze dubbel-cd meer een naslagwerk dan een luister cd. Het noodgedwongen ontbreken van een liturgische context is hier zeker debet aan. De gezangen worden zo tot een opsomming en dat bemoeilijkt mijns inziens het in zijn geheel beluisteren van deze opname.

De plaat bevat 26 tracks, waarvan er een aantal zijn met solostemmen. Dit bevordert de afwisseling, maar helaas zijn niet alle stemmen even geschikt om solo te zingen bij een opname.

Daar komt nog bij dat de solozanger nog al ver weg klinkt in tegenstelling tot de forse maar enigszins saaie koorklank. Donkerder kleuren van de open klinkers zou tot een fraaiere klank hebben geleid. Over het algemeen zingen de zangers goed samen en is er ook echt gewerkt aan een interpretatie.

Het lijkt de zangers echter te ontbreken aan affiniteit met het officierepertoire. Dit wreekt zich vooral in de psalmodie. Naar mijn smaak wacht men te lang tussen de afzonderlijke verzen en te kort na het eerste halfvers. Ook klinkt het me te gedirigeerd. Het komt daarmee wat kunstmatig en daarmee onnatuurlijk over.

Nog een eigenaardigheid is de doxologie bij psalm 109. Hier zingt men geen twee afzonderlijke halfverzen, maar zwelt men aan op 'patri' en zonder pauze zingt men 'et Spiritui Sancto' er aan vast.

Ook het hymnezingen heeft mij bevreemd.

In plaats van lettergrepen weg te laten, de cursief gedrukte woorddelen in de uitgaven die men gebruikt heeft, voegt men noten in het dubbele tempo toe om zo het metrum intact te laten.

Dit klinkt zeer onnatuurlijk en haastig.

Door de bank genomen is de kwaliteit van deze cd goed te noemen. Er klinken ervaren en bewogen zangers en er wordt een interessant programma gebracht. Iets meer tempo had de opname als luisterplaat geschikter gemaakt.

 

TERUG