RECENSIE

Tijdschrift van de Vereniging voor Latijnse Liturgie, april 2014

 Hoogtepunten uit de gregoriaanse traditie.

Een liturgisch en historisch perspectief

 

Recensie/ Tekst: J.L.W.M.Zuijdwijk

 

Zo al niet om iets anders, dan heeft de dominicaner pater Augustinus Hollaardt (1923-2012) roem verworven ais redactiesecretaris van het Liturgisch Woordenboek (1958-1970), nog altijd een belangrijk naslagwerk, waaraan hij vele bijdragen leverde en waarvan het Supplement (Liturgische oriëntatie na Vaticanum II) van zijn hand is. Zijn roem is postuum toegenomen door de publicatie vorig jaar van Hoogtepunten uit de gregoraanse traditie. een liturgisch en historisch perspectief.

 

Het boek betreft een verzameling artikelen van pater Hollaardt die eerder verschenen in tijdschriften als het Gregoriusblad, het Tijdschrift voor Gregoriaans en het Tijdschrift voor liturgie.

Nog bij leven van pater Hollaardt werd besloten tot de uitgifte van deze verzameling, die voor de niet lezers van genoemde tijdschriften in een evenwichtig en overzichtelijk werk de brille toont van pater Hollaardts kennis van het gregoriaans.

 

Minder Romeins

 

In het boek komen successievelijk aan de orde de liturgie en het gregoriaans in West-Europa; (onderdelen van) de getijden van de dag; de Maria antifonen; de vaste en de wisselende gezangen van de Misliturgie; (onderdelen van) het kerkelijk jaar. De behandelde gezangen worden van alle kanten belicht. Pater Hollaardt toont zich niet alleen een kenner van de muziek(geschiedenis), maar ook van het ontstaan en de ontwikkeling van de teksten en van de melodieën.

Ook zijn grote Bijbelkennis spreekt uit dit boek.

Pater Hollaardt maakt duidelijk dat de Romeinse Liturgie minder Romeins is dan velen wellicht denken. Ook toont hij duidelijk aan dat de ‘Liturgie van de Kerk van alle eeuwen’ door die eeuwen heen wel degelijk veranderingen heeft ondergaan (en hoe of waarom die veranderingen zijn ontstaan). Deze gegevens zijn niet zozeer nieuw (en de bronnen waarnaar de schrijver verwijst zijn vaak wat gedateerd), maar de kracht van pater Hollaardt ligt in de presentatie ervan, die maakt dat de lezer enerzijds heel veel (ook gedetailleerde) informatie krijgt aangereikt op een dusdanige wijze dat hij anderzijds eigenlijk nauwelijks in de gaten heeft hoezeer deze informatie vloeiend wordt omgezet in een bewonderenswaardig eenvoudig en vanzelfsprekend ogend verhaal. Anders gezegd, de geďnteresseerde leek verwerft zonder grote inspanning veel nieuwe inzichten.

 

Traditioneel ingesteld

 

Het hoofdstuk over de getijden is rijk. Pater Hollaardt behandelt hier de lauden, maar tevens het minder bekende Te Deum laudamus en het lucernarium.

Het hoofdstuk over de Maria-antifonen is het meest complete deel van het boek en is zeer boeiend, juist ook over de minder bekende antifonen. Maar ook het artikel over het populaire Rorate caeli  bergt veel waardevols in zich.

In het ‘Ten geleide' wordt namens de Schola Cantorum Karolus Magnus, welke schola aan de wieg stond van deze fraaie uitgave, onder meer vermeld dat pater Hollaardt traditioneel ingesteld was, maar niet in de conservatieve betekenis van het woord; dat hij de (kerk)geschiedenis niet goedpraatte; trots was op medebroeders die het blaffen niet hebben verleerd en hun stem blijven verheffen, ook wanneer die niet his masters voice (jawel, hier goed geciteerd en dus in het boek verkeerd gespeld) vertolkt. Ik vraag mij af wat vermelding van deze zaken aan het boek toevoegt.

Kennelijk moet de boodschap weer eens zijn dat wie van traditie houdt, toch heus ook wel heel hip, rebels en tegendraads kan zijn, en een gespannen verhouding kan hebben met het pauselijk gezag. En jawel, onmogelijk om het onvermeld te laten, pater Hollaardt was natuurlijk een warm pleitbezorger van de Nederlandstalige liturgie.

Dit roept bij mij weer eens de vraag op hoe dat mogelijk is, een liefhebber te zijn van het gregoriaans en tegelijkertijd te kunnen weglopen met (het gregoriaans in) de volkstaalliturgie. Gregoriaans en Latijn zijn naar mijn mening niet los van elkaar te zien. De eerbiedwaardigheid, traditie, diepgang en organische ontwikkeling van het gregoriaans zijn mede te verklaren uit het Latijn. Wie deze zaken los maakt van elkaar, laat een natuurlijke eenheid verloren gaan.

Voor mij is volkstaalliturgie met gregoriaanse zang net zo wezensvreemd als een Latijnse H. Mis met Nederlandstalige zang.

Maar wie aan deze woorden in het ‘Ten geleide’ voorbij leest en zich beperkt tot de lectuur van de schrijver zelf, wordt niet teleurgesteld. Integendeel, hij wordt verrijkt en gesticht.

  

NOOT

Augustinus Hollaardt OP: Hoogtepunten uit de Gregoriaanse Traditie.

Berne Media/Uitgeverij Abdij van Berne, Heeswijk 2013. ISBN 978-90-8972-061-0.

Maar ook rechtstreeks te bestellen via deze website.

TERUG